Kennisbank

Kaarten

Welkom bij de kaarten van Stichting Oer-IJ. De artikelen zijn gerubriceerd in verschillende categorieën. U kunt ook zoeken op tags.

Kaart van het Oer-IJ gebied (testkaart)

Kaart met relevante geomorfologische lagen in het Oer-IJ gebied. De kaart is samengesteld met behulp van Qgis.

Bron: Gerard Hogervorst
paleogeografie Oer-IJgebied Peter Vos 2500 vC

Kaart van Peter Vos 2500 BC

Bron: Peter Vos
paleogeografie Oer-IJgebied 1500 vC Peter Vos

Kaart van Peter Vos 1500 BC

Bron: Peter Vos
paleogeografie Oer-IJgebied 1000 vC peter Vos

Kaart van Peter Vos 1000 BC

Bron: Peter Vos
paleogeografie Oer-IJgebied 750 vC Peter Vos

Kaart van Peter Vos 750 BC

Bron: Peter Vos
paleogeografie Oer-IJ gebied 500 vC Peter Vos

Kaart van Peter Vos 500 BC

Bron: Peter Vos
paleogeografie Oer-IJ gebied 100 nC Peter Vos

Kaart van Peter Vos 100  na christus  de kustlijn is gesloten. 

Bron: Peter Vos
paleogeografie Oer-IJ mondingsgebied 1000 nC Peter Vos

Kaart van Peter Vos 1000 nC

Bron: Peter Vos
Stelling van Amsterdam

Kaart van de stelling van Amsterdam

Bron: Beeldmateriaal Kaarten
Dwarsprofielen Assendelft

kaart met div. dwarsprofielen 900-1500 nC

Bron: Beeldmateriaal Kaarten
Assendelft 1850

Topografische kaart van Assendelft 1850

Bron: Beeldmateriaal Kaarten
Bodemdaling

Stijging zeespiegel versus daling bodem 1000 nC - 200 nC

Bron: Beeldmateriaal Kaarten
Krommenie, Nieuwendam, Busch en Dam

Krommenie, Nieuwendam, Busch en Dam, ingekleurde tekening

Bron: Beeldmateriaal Kaarten
kaart van beeldsnijder 1575

kaart van beeldsnijder uit 1575

Bron: Beeldmateriaal Kaarten
Molens Zaandam

kaart met de locatie van de vele molens rondom Zaandam

Bron: Beeldmateriaal Kaarten
Hoepbeek

De Hoepbeek bij Castricum. Hypothetische landschappelijke configuratie

Bron: Wim Bosman,
20190625 Landschappelijke en stedelijke regimes en visies_Alkmaar

Kaarten gebruikt voor de RES informatie

Bron: BUCH
20190625 Landschapstypen en stedelijke functies_Alkmaar

kaarten gebruikt voor res-informatie

Bron: BUCH
20190625 Natuur en ecologische verbindingen_Alkmaar

kaarten gebruikt voor res-informatie

Bron: BUCH
20190625 windenergie Alkmaar beperkingen beleid

kaarten gebruikt voor res-informatie

Bron: BUCH
20190625 zonne-energie Alkmaar

kaarten gebruikt voor res-informatie

Bron: BUCH
Locatie van verdwenen en nog bestaande Lunetten in Beverwijk

Na de inval van de Engels-Russische alliantie is men begonnen met de bouw van een verdedigingslinie rond Amsterdam.

De Linie van Beverwijk was een verdedigingslinie uit 1800, die Holland op zijn smalst moest bewaken tegen invallen vanuit het Noorderkwartier. Onder leiding van Cornelis Rudolphus Theodorus Krayenhoff begon in februari 1800 de aanleg van een verdedigingslinie. Deze liep vanaf het Wijkermeer, rondom de noordzijde van Beverwijk, via de duinen, naar zee bij Wijk aan Zee. Omdat het hoger gelegen land betrof, bestond de linie uit een reeks van 26 lunetten, in tegenstelling tot gebruikelijke inundatiegebieden zoals bij de Hollandse Waterlinies. 15 lunetten vormden de eerste linie van hoofdredoutes, terwijl de overige kleinere flèches verder van het front lagen. Daarnaast werden en 4 kruitmagazijnen, 6 wachtloodsen en 12 kruitkelders aangelegd.

Bron: Gerard Hogervorst; Qgis; openstreetmaps; RCE
Visiekaart Regionale Energie Transitie Noord-Holland

Gebieden waar ruimte is voor windmolens en zonneweides, mits goed ingepast (geclusterd) in het landschap en met betrokkenheid van omwonenden samengesteld door natuur- en milieuorganisaties in Noord-Holland. Een gezamenlijke visie van Natuurmonumenten, Landschap Noord-Holland, Goois Natuurreservaat en Natuur en Milieu Noord-Holland.   

Bron: Natuur- en milieuorganisaties
hoogtekaart AHN strandwal Limmen

Dorp  Limmen geconcentreerd op de relatief hoog gelegen strandwal

omgeven door lage strandvlaktes met veel waterlopen

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN strandwal Akersloot

De strandwal Akersloot bestaat uit twee smalle zandruggen met daartussen de smalle strandvlakte Binnengeesterpolder

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN strandwal Uitgeest

Het oude dorp Uitgeest is gelegen op de hoge strandwal. Om de nieuwbouw in de strandvlakte mogelijk te maken is vaak de grond opgehoogd met zand.

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN Oer-IJmondingsgebied

AHN: Het Oer-IJmondingsgebied ligt tussen de strandwallen Limmen, Uitgeest en Heemskerk. Hier lag een binnendelta met veel microreliëf. De monding zelf ligt onder de hoge duinen. In de huidige polders liggen in de oude Oer-IJbedding de Schulpvaart en Die. Verder meanderen hier vele waterlopen in de voormalige kreken. De gegraven sloten zijn recht.

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN strandwal Limmen-Heiloo

De oorspronkelijke bebouwing van Heiloo en Limmen is geconcentreerd op de hogere #. Vooral #is in de 20e  eeuw gaan uitbreiden in de omliggende lage strandvlaktes. Daar zijn daarom diverse sloten en vijvers aangelegd. De nieuwbouw Zandzoom concentreert zich weer op de strandwal, tussen Heiloo en Limmen. De Westerweg en Oosterzijweg zijn de begrenzing.

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN kreekrug Assendelverpolder

In de Assendelverpolder liepen diverse veenstroompjes naar de lagere Oer-IJbedding. Deze stroompjes liggen nu door reliëfinversie hoger dan de omgeving.  Veel is geëgaliseerd . Bij de Noorderweg , vlakbij de nieuwbouwwijk Kreekrijk  in Saendelft , is een kreekrug een gemeentelijk monument geworden.

Bron: AHN-viewer Jaap van Harlingen
hoogtekaart AHN duinen Castricum, Hoepvallei

De duinen bij Castricum hebben een afwijkend karakter. Achter de smalle zeereep liggen brede vlakke stukken duin.  Hier ligt een brede boogvormige Vallei, de Hoepvallei, waar in de duinbeek 'De Hoep' stroomde.Het ontstaan kan in relatie worden gebracht met de oorspronkelijke loop van de Oer-IJbedding. 

Bron: Oer-IJ Atlas Wim Bosman
hoogtekaart AHN strandvlakte tussen Limmen en Akersloot

Het oostelijk deel van de Groot Limmerpolder ligt in de strandvlakte tussen Limmen en Akersloot. Het centrale deel is het laagst en natst. Hier loopt de Die, de waterloop die oorspronkelijk voor de afwatering richting Oer-IJ zorgde. Delen van de strandvlakte zijn afgedamd, zoals hier door de Limmerdam . De Die is in deze vlakte op diverse plekken door erosie verbreed, waardoor er meertjes ontstonden, zoals het Limmerdie.

De strandwallen zijn verbonden met de Die door gegraven vaarten, zoals de Dusseldorpervaart en  Laandervaart naar Limmen en door de Krommesloot richting Kerkmeer bij Akersloot.

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN kadetjesland en Hollebollegrasland Uitgeest

Bij Molen De Dog, in Uitgeest,  heeft de Zienpolder een sterk microreliëf .

Hier is het grillige oude krekensysteem de natuurlijke oorzaak . Dit hobbelige landschap wordt ook wel hollebollegrasland genoemd.

Daarnaast zien we ook een reliëf dat veroorzaakt is door het graven van greppels, de rechte lijnen, met daartussen het opgehoogde land. Dit wordt kadetjesland genoemd.

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN Uitgeestbroekpolder en Crommenije

Het veengebied tussen Uitgeest en Krommenie, de Uitgeesterbroekpolder, ligt 1,5 mtr. onder zeeniveau. Hier liggen de kleine meertjes  Weijenbus en Vroonmeer . De polder heeft veel microreliëf door de   veenstroompjes die hier liepen. Deze zijn door reliëfinversie nu boven de omgeving komen te liggen.

De Crommenije , gelegen tussen de Uitgeesterbroekpolder en Krommeniewoudpolder, was de waterverbinding tussen het Uitgeestermeer in het noorden en het inmiddels drooggelegde  Wijkermeer in het zuiden. Op veel plaatsen is de Crommenije door dichtslibbing heel smal geworden. De brede stukken kennen namen als 'Ham en Crommenije'

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN strandwal Spaarnwoude

Het dorp Spaarnwoude ligt op de oudste , meest oostelijke strandwal, die de kustlijn van 5500 jaar geleden vormde. Later werd het omgeven door een moeras, het Spaarwoud, waarin zich een dikke laag veen vormde , die zelfs over de strandwal heen groeide. In de Middeleeuwen is het moeras in cultuur gebracht en werd het de veenpolder Spaarnwoude. Door ontwatering daalde het maaiveld en kwam de strandwal als een smalle zandrug weer te voorschijn. Hierop werd het dorp Spaarnwoude gebouwd. Omdat in dit open gebied de ontstaansgeschiedenis is af te lezen is het benoemd tot Provinciaal-Aardkundig-Monument.

Het recreatiegebied Spaarnwoude ligt inde noordelijker IJpolder.

Bron: AHN-viewer Lia Vriend
hoogtekaart AHN Zaanstreek Noordzeekanaal

Deze hoogtekaart beslaat het zuidelijke Oer-IJgebied. De relatief laag gelegen gebieden zijn de veenpolders van Assendelft , West- en OostZaan. Het voormalige IJgebied is voor een groot deel opgehoogd en nu haven - en industriegebied. Het westelijk deel is het recreatiegebied Spaarnwoude. Op de grens van deze twee gebieden ligt de Inlaagsepolder, de slinger in het landschap, waarlangs in de Houtrakpolder weer waterlopen zijn gegraven waar voorheen het IJ lag.

Bron: AHN-viewer Gerard Hogervorst
‘Chaerte van de Wijcker ofte Velsermeer’ door Pieter Coenraedtszoon. 1565

Deze historische kaart van het IJ en Wijkermeer toont dat hier sprake is van een natuurlijke, meanderende waterloop. De dijken volgen de slingerende oevers.

Het Wijkermeer heeft hier een verbinding in Noordoostelijke richting, de Crommenije,  naar het Langemeer. Ook is aangegeven dat de zuidpunt van Assendelft, het schiereiland, hier is buitengedijkt. Zo ontstaat Buitenhuizen. 

Bron: kaartenverzameling Rijnland Leiden
Amsterdam-Halfweg 1746

Bij Halfweg ligt alleen nog maar een dijk tussen het IJ en de Haarlemmermeer. De trekvaart Amsterdam-Haarlem is hier onderbroken. Passagiers moeten hier overstappen, vandaar de naam Halfweg. Vh. Houtrak en Polanen. Ruigoort is hier een eiland, restant van het veengebied.

Bron: Hoogheemraadschap Rijnland
Haarlemmer- of Leidsemeer 1745 Melchior Bolstra

Met deze kaart wilde Bolstra in 1745 aangeven hoe snel het Haarlemmermeer in omvang toenam. De Haarlemmermeer is eerst nog gescheiden van Leidsemeer door een strook land waar Vennip op ligt.

In het noorden groeit de Haarlemmermeer door naar het Spieringmeer. Uiteindelijk zijn alle drie meren aaneen gesloten en vormen het Groot Haarlemmermeer.

Bron: Hoogheemraadschap Rijnland
stormvloed kerst 1717, dijkdoorbraken IJ, Wijkermeer en Crommenije

Kerst 1717 was er een zware stormvloed in heel Noordwest Europa , waarbij tot in Denemarken   land onder water kwam te staan. Het Noordzeewater drong via de Zuiderzee het IJ binnen en via Wijkermeer de steeds smaller wordende Kil in. Op talloze plaatsen braken de dijken door en ontstonden er vele kolkgaten, die nu nog in het landschap te zien zijn; de Braken (=wielen)

Dit was de aanleiding om al in 1718 dwars in de  bedding van de Kil de 'Nieuwe Overdijking' aan te leggen, waardoor de kustlijn sterk verkort werd.

Bron: wordt nader bekend gemaakt
Linie Beverwijk

In de strijd in 1799 tussen de Fransen en Bataven enerzijds en de Engelsen en Russen anderzijds heeft men ervaren hoe kwetsbaar 'Holland-op-zijn-smalst' is. Napoleon besloot in 1800 op dit smalle stuk land tussen Noordzee en Wijkermeer een verdedigingslinie aan te leggen; de Linie van Beverwijk. De linie bestond uit ruim 20 lunetten, die een aanval vanuit het noorden moest tegenhouden.

Bron: wordt nader bekend gemaakt
Akersloot en Langemeer Kaart Dou 1745

De Langemeer, nu Alkmaardermeer, ten oosten van Akersloot. Omgeven door diverse veenpolders. kaart Dou, 1745
Het enige meer  dat niet is droogemalen . Een belangrijk onderdeel van Schermerboezem. Nu Provinciaal Aardkundig monument

Bron: kaart Dou 1745
Beverwijk 1560 Jacob van Deventer

In 1560 ligt Beverwijk nog direct aan het Wijkermeer, dat toen een maximale omvang had.

Kasteel Adrichem ligt binnen de St.Aagtendijk, rechts boven op de kaart

Bron: noord-hollands archief
Crommenije/KIL en Wijkermeer in 1580

Situatie Crommenije in 1580. Sinds de  afsluiting van de Busch-en Dam wordt het zuidelijke deel van de Crommenije 'De Kil'genoemd. Door de dam  wordt de doorstroming van het zeewater vanuit Zuiderzee, IJ en Wijkermeer geblokkeerd. Het meegevoerde slib bezinkt waardoor de oevers langs de KIL opslibben. Zo ontstaan de 'Buitenlanden' in de bedding van de Kil . 

Bron: onbekend bewerking Lia Vriend
De Pijp in Beverwijk 1729

De oevers langs het Wijkermeer slibben aan. Om toegang  tot de haven van Beverwijk te houden wordt er in de opgeslibde oever een kanaal gegraven, die De PIJP wordt genoemd. In de loop der jaren wordt De PIJP steeds langer.

Zie ook kaart 1560

Bron: Johannes Rollerus
topografische kaart van Beverwijk 1830

De oevers langs het Wijkermeer slibben aan. Om toegang tot de haven van Beverwijk te houden wordt er in de opgeslibde oever een kanaal gegraven, die De PIJP wordt genoemd. In de loop der jaren wordt De PIJP steeds langer. Zie ook kaart 1560 en 1729

Bron: collectie museum Kennemerland
Heyloer reiskaartje 1704

Gemaakt ten dienste van de pelgrims, naar de heilige putten bij Heiloo en Egmond.. Aandacht is besteed aan de verschillen in verkaveling tussen strandwal, aangegeven als Coreland  en strandvlakte als Wijland   .Ook de droogmakerijen Boekelermeer en Schermer zijn door verkaveling herkenbaar. In de strandvlakte tussen Heiloo en Akersloot is de grillige loop van de Heylooer Dye , de Die,te zien.

Bron: anoniem 1704
Het Ye en Haarlemmermeer, 1629

In 1629 was het Ye nog een meanderende waterloop die door de geul 'Pampus' verbonden was met de Zuiderzee. Amsterdam was dus voor de scheepvaart afhankelijk van de diepte van Pampus. Omdat het Ye geen makkelijke vaarweg was , is de Haarlemmertrekvaart gegraven tussen Amsterdam en Haarlem. Bij Halfweg is de ruimte tussen Haarlemmermeer en IJ te smal om de vaart hier doorheen te leggen. Daarom moest hier overgestapt worden. (vandaar de naam)

Bron: BF v Berckenrode
kaart figuratief van het IJe , 17e eeuw.

Op deze figuratieve kaart van het IJ in de 17e eeuw is goed te zien dat er veel buitendijks land is. Zoals Buitenhuizen, bij Assendelft,  de Inlaagsepolder bij Spaarndam en Volewijk bij Amsterdam-Noord hier schiereilanden zijn, die buitengedijkt zijn. Ook bij de Zaandam is bij de monding van de Zaan, de Voorzaan,  veel buitengedijkt. Ruigoord en de Hoorn zijn veenrestanten, eilanden in het IJ. Ook de Haarlemmertrekvaart is duidelijk aangegeven.

Bron: onbekend
Spaarndam 1627

Waar het Spaarne in het IJ uitstroomde is al in de 1248 eeuw een dam aangelegd om bij stormvloed te voorkomen dat het Zuiderzeewater dat via het IJ hier binnendrong en via het Spaarne het achterliggende land zou overstromen. Het Waterschap Rijnland, dat toen werd opgericht voerde het vele polderwater hier naar het IJ. Om het overtollige water door de dam af te voeren werden diverse spuisluizen aangelegd . Om de scheepvaart mogelijk te houden bouwde men schutsluizen. Omdat grote delen van het Zuid-Hollandse en Utrechtse veengebied hier nu afwaterden moesten deze ook meebetalen. In de 14e eeuw waren er 9 sluizen in de dam  met de namen van de steden  Woerden, Alkemade, Aalsmeer etc. die onderhoudplichtig waren.  

Bron: kaartencollectie Rijnland A0203
reconstructie Hollands Noorderkwartier1350

herziene reconstructie 1288, van De Vries.  Nu reconstructie 1350 , archeologische kaart met  geologische inkleuring, belijning van de strandwallen, West-Friese krekenstelsel, en hertekening van kusten, dijken en wateren. (Henk Schoorl)

Bron: HHNK en ROB
fragment reconstructiekaart 1350 uitgeest omgeven door meren

fragment Uitgeest  met namen omgeven  meren  

Bron: HHNK en ROB
fragment reconstructie 1350 wateren

De vele wateren in 1350 met namen aangegeven. De Crommenije als verbinding tussen Langemeer  (nu Alkmaardermeer) en Wijkermeer. Droogmakerijen Schermer en Beemster

Bron: HHNK en ROB
Projectie stroomgebied Oer-IJ op huidige situatie

De loop van Het Oer-IJ, zoals die 500vC bij Castricum in zee uitmondde.

Bron: St.Oer-IJ
de verschillende landschappen in het Oer-IJgebied

In het Oer-IJ gebied onderscheiden we drie algemene landschappen. Centraal de bedding van het Oer-IJ, in het westen de strandwallen , strandvlaktes , duinen en strand. In het oosten de veenpolders en droogmakerijen.

Bron: St.Oer-IJ Lia Vriend
Projectie Oer-IJ op huidige kaart met plaatsnamen

Bewerkte projectie van Oer-IJ stroom op huidige kaart, toevoeging van de plaatsnamen, gemeentes die bij St.Oer-IJ betrokken zijn.

Bron: St.Oer-IJ Rik de Visser Lia Vriend
Projectie IJ van 1850 op huidige Noordzeekanaalgebied

Projectie  van het IJ  in 1850 op de huidige kaart laat goed zien hoe omvangrijk het IJ tussen Zuiderzee en duinen was.

Bron: topografische kaarten bewerkt door Gerard Hogervorst
fragment projectie westelijk IJ op NZkanaal

Noordzeekanaal snijdt schiereiland Buitenhuizen af van Assendelft. Dit ligt nu in de IJpolders, recreatiegebied Spaarnwoude.

Bron: topografische kaarten bewerkt door Gerard Hogervorst
projectie Noordzeekanaal op kaart 1850

Mooi overzicht op omvang IJ in 1850 en de loop van het Noordzeekanaal door het IJ en dwars door duinen in Holland op zijn smalst, door de Breesaap . Ook de vele zijkanalen die nodig zijn om bestaande waterlopen en havens te verbinden met nieuwe kanaal.

Bron: topografische kaarten bewerkt door Gerard Hogervorst
Noordzeekanaal door Holland op zijn smalst

Het Noorzeekanaal lag voor het grootste deel in het oorspronkelijke IJ. Om de Noordzee te bereiken moest men een geul graven door de duinen, door Holland op zijn smalst, waar ook de duinvallei Breesaap ligt.

Bron: topografische kaarten bewerkt door Gerard Hogervorst
projectie Oer-IJ 500 vC op huidige kaart

deze projectie OerIJ  op huidige kaart is gemaakt tgv uitgave Atlas Oer-IJ 2018

Bron: Parool PARgraph
geesten in Noord-Holland

Vanaf de vroege middeleeuwen werden de hogere gronden in het westen van NH permanent bewoond. Men legde akkers aan op de randen van de strandwallen. Deze akkercomplexen worden geesten genoemd. Omdat de strandwallen parallel aan de kust liggen, geldt dit ook voor de geesten. Een uitzondering vinden we bij Bergen waar west-oost georiënteerde haakwallen liggen, vanwege het zeegat van Bergen. De geesten liggen daar dan ook west-oost

Een tweede uitzondering vormen de geesten op de oeverwallen/ zandplaten in het Oer-IJ mondingsgebied. Deze zijn ook meer west-oost georiënteerd. Voorbeelden bij Castricum zijn de Oosterbuurt en Noordend, bij Uitgeest is dat Assum . 

Bij de geest vormden zich groepjes boerderijen die dan een buurtschap vormden. De geestdorpjes.

Bron: Rijksdienst voor het cultureel erfgoed Bjorn van Snippenburg en Willen Derickx
geesten in Midden Kennemerland rond 1200 nC

Vanaf de vroege Middeleeuwen was de bewoning geconcentreerd op de hogere zandgronden, waar de akkers ook werden aangelegd. De akkercomplexen worden geesten genoemd.

Toen vanaf 800 nC , o.a. door de droogte, grote zandverstuivingen ontstonden en de jonge duinen zich vormden, verdwenen vele geestdorpjes onder het jonge duin. De geesten en dorpen op de kaart liggen nu op de binnenduinrand op de oude strandwallen die niet overstoven zijn.

Op de punten van  de geesten ontstonden de buurtschappen, geestdorpjes, zoals Driehuis en Velsen, Aagtenkerk en Hoogdorp, Heemskerk en Noorddorp.

Bron: Koene cs Midden Kennemerland in de vroege en hoge middeleeuwen 2003
geest Heemskerk en Marquette op Oer-IJ oeverwal

De geest van Heemskerk ligt tussen de Kerkweg en de Oosterweg. Het is nu grotendeels bebost en bebouwd maar waas oorspronkelijk akkerland. Aan de noordwest punt ligt het geestdorp Noorddorp.

Marquette ligt op een hoge oeverwal van het Oer-IJ en is met de strandwal verbonden door een lange laan, die door het lage, natte deel liep.

Bron: cultuur historische kaart museum kennemerland
Oer-IJ mondingsgebied 500vC met huidige plaatsnamen

De Oer-IJ monding is 500vC een binnendelta.  Dit is nu de Castricummerpolder. Om deze binnendelta liggen NU de dorpen Limmen, Akersloot, Uitgeest en Heemskerk.De strandwallen vormen hier de ondergrond. Hier worden bewoningsresten gevonden uit de IJzertijd.

Bron: Peter Vos, bewerking Lia Vriend
Oer-IJ 500vC als noordelijke tak van de Rijn.

500vC vertakte De Rijn zich ook noordwaarts via het rivierenstelsel Amstel en Vecht, Daarna westwaarts , waar later het IJ lag en nu het Noordzeekanaal, en verder hoogte het huidige Velsen weer naar het noorden. De monding lag tussen Heemskerk en Castricum.

Bron: Peter Vos, bewerking Lia Vriend
fragment paleogeografie West Nederland. 3850 vC

3850 vC was West Nederland een waddengebied. De Kustlijn was een stelsel van waddeneilanden en zeegaten dat veel meer naar het oosten ligt dan de huidige . Een van de zeegaten, hoogte Haarlemmermeer, wordt wel als begin van het Oer-IJ gezien.

Bron: Peter Vos, bewerking Lia Vriend
Oer-IJ 2500 en 1500 vC

Tussen 2500vC en 1500vC  schuift de kustlijn in noordwestelijke richting. Het zeegat van Bergen verzand en sluit zich. De monding van het Oer-IJ schuift ook verder naar het noordwesten. Hier vormt zich door de getijdenbeweging een estuarium. In de strandvlakte tussen Akersloot en Limmen nu ook een moeras met veenvorming (roze kleur)

Bron: Peter Vos, bewerking Lia Vriend
Oer-IJ 500vC en 50nC

Tussen 500vC en 50nC is het mondingsgebied van het Oer-IJ dichtgeslibd. Het getijdengebied, de binnendelta, wordt een zoetwatergebied met veel microreliëf.

Bron: Peter Vos, bewerking Lia Vriend
veranderend Oer-IJ landschap tussen 2800vC en 250vC

monding van het Oer-IJ wordt tussen 2850vC en 250vC een binnendelta van de noordelijke tak van de Rijn met een getijdenbeweging. Zandplaten en slikken met talloze kreken.

Bron: Peter Vos, bewerking St.Oer-IJ Rik de Visser en Lia Vriend
veranderend oer-ij landschap 250vC-900 nC

Doordat de binnenmeren , het Flevomeer, in het noorden een verbinding krijgt met de Vliestroom en dus met de Noordzee, stroomt het Vechtwater nu naar het noorden. De stroming van het Oer-IJ wordt steeds minder en de monding bij Castricum verzand.

Bron: Peter Vos, bewerking St.Oer-IJ Rik de Visser en Lia Vriend
Flevomeer 100nC wordt Almere 800nC

100nC De binnenmeren heten in de Romeinse tijd Flevomeer. De verbinding naar de Vliestroom is nog heel smal. Het meerwaterniveau is hoger  dan het zeeniveau. Het zeewater kan dan  nog niet binnendringen.

800nC : de binnenmeren worden door erosie steeds groter en de opening naar het noorden wijder.

In de Middeleeuwen wordt dit binnenwater Almere genoemd. het Almere is nog steeds een zoetwaterbekken met afvoer naar de Vliestroom.

Bron: Peter Vos, bewerking Lia Vriend
Waddengebied wordt moeras

Het Waddengebied van 3850vC verland in de loop van meer dan 1000 jaar door aanvoer van zand en klei uit de Noordzee.

De kustlijn verplaatst zich naar het westen en vormt daar nieuwe strandwallen. Achter de oude kustlijn ontstaat een moeras met veenvorming.

Het zeegat , waar de kreek 'Oer-IJ' in uitstroomt , verschuift naar het noordwesten. Het moeraswater stroomt naar dit zeegat en het 'Oer-IJ' wordt een veenrivier met in de monding een getijdenbeweging. Het begin van een estuarium.

Bron: paleogeografie 3850vC-2750 vC , Peter Vos, bewerking Lia Vriend
veranderend landschap tussen 900 en 1200nC

Vanaf 800nC wordt het klimaat droger , een verhoogde aanvoer van zeezand en veel zandverstuivingen. Dit leidt tot de de vorming van de huidige 'Jonge Duinen'. De Oer-IJ monding verdwijnt onder het stuifzand. Ook dorpjes op de meest westelijke strandwallen verdwijnen onder de duinen. De afvoer van water naar zee is nu definitief geblokkeerd. De lage strandvlaktes en bedding Oer-IJ zijn plas-dras met veenvorming. De afwatering van het gebied gaat nu richting Almere en Zuiderzee. Waardoor tussen Velsen en Amsterdam  in de Oer-IJbedding   het IJ ontstaat. In deze periode wordt het moeras in cultuur gebracht.

Bron: Peter Vos, bewerking St.Oer-IJ Rik de Visser en Lia Vriend
veranderend oer-ij landschap tussen 1200nC en 1600nC

Het Almere is Zuiderzee geworden, doordat de opening naar de Vliestroom na hevige stormen, o.a. in 1170, sterk verbreed is. Dit betekent een getijdenbeweging ,aanvoer van zout water en zeezand en klei. Nu wordt het IJ een brede waterstroom  waar de eb en vloedbeweging binnenkomt. 
In het ontgonnen moeras is bodemdaling ontstaan, waardoor de veenriviertjes grote meren worden, die ook weer met elkaar in verbinding staan. Zo ontstaat tussen het Wijkermeer en het Langemeer (huidige Alkmaardermeer) de verbinding Crommenije,

In deze fase worden talloze dijken en dammen aangelegd om het resterende land tegen het oprukkende zeewater te beschermen. Zo ontstaan de 'veenpolders'

Bron: Peter Vos, bewerking St.Oer-IJ Rik de Visser en Lia Vriend
veranderend oer-ij landschap van 1600nC tot heden

Vanaf de  16e eeuw worden kleine meertjes drooggelegd, maar vooral in de 17e eeuw worden de hele grote meren als Schermer, Beemster, Purmer en Wormer  drooggelegd. Deze droogmakerijen worden  grootschalige landbouwgebieden met een 'moderne' rechthoekige verkaveling. Alleen het Alkmaardermeer blijft behouden, als belangrijk onderdeel van het Schermerboezem.

Pas rond 1850 wordt het Haarlemmermeer drooggelegd. Als rond 1870 het Noordzeekanaal wordt gegraven wordt tegelijkertijd het IJ en Wijkermeer drooggemalen.  De IJpolders zijn in de beginfase akkerbouwgronden. Maar in het oosten ontwikkelen zich vanuit Amsterdam steeds meer havenactiviteiten zodat het haven- en bedrijventerrein nu meer dan de helft van de IJpolders omvat.
In het westen ontwikkelt bij IJmuiden/Velsen ook een uitgebreid industriegebied

In het westen is het recreatiegebied Spaarnwoude aangelegd om een groene buffer te vormen tussen deze sterk verstedelijkende gebieden.

Bron: Peter Vos, bewerking St.Oer-IJ Rik de Visser en Lia Vriend
geomorfologie strandwallen bakkum-limmen-akersloot

De strandwallen zijn met de gele kleur aangegeven. Die van Akersloot bestaat uit twee smalle zandrichels. Het is de oudste van de serie. Hier lag de kustlijn ongeveer 5000 jaar geleden. waddeneilandjes met lage duintjes. Het zeeniveau stijgt , maar de zee voert ook heel veel zand aan en vormt 4500 vC meer naar het westen een nieuwe kustlijn, de strandwal Limmen-Heiloo-Alkmaar.   In de eeuwen daarna zet dat proces zich voort en ontstaan naar het westen steeds nieuw strandwallen, zoals die van Bakkum. Omdat de zeespiegel stijgt zijn de strandwallen naar het westen toe steeds hoger.
Door de stijgende grondwaterspiegel ontstaan  in de strandvlaktes, de lage delen tussen de strandwallen, moerassen met veenvorming. Dit veen groeit zelfs over delen van de strandwallen heen.

In de Middeleeuwen ontstaan de jonge duinen die in het westen oude strandwallen deels overstuiven, zoals bij Bakkum.  Door bodemdaling in het  veengebied komen de topjes van de oudste strandwal Akersloot weer boven.

Bron: Stichting voor bodemkartering Wageningen 1980
geomorfologische kaart oer-ij monding

De oude bedding van het Oer-IJ is hier herkenbaar aan de meanderende donkerblauwe stroken tussen enerzijds de strandwallen Limmen, Uitgeest /Akersloot anderzijds die van Heemskerk. Bij Castricum is de loop naar het westen gebogen.

Bron: Stichting voor bodemkartering Wageningen 1980
paleogeografie Noord-Holland 800nC

Het grootste deel van Noord-Holland is moeras; veengebied.
 In de Middeleeuwen rukt de  zee vanuit het Noorden  binnen. De hele Kop verdwijnt in zee, met uitzonderingen de keileembulten van Wieringen en Texel.

Bron: Peter Vos
bedijking Kennemerland zuidelijk deel

Middeleeuwse bedijking en dammen langs binnenduinrand, tussen strandwallen en langs Crommenije. Het water kwam van uit het zuiden. Het Zuiderzeewater kwam via IJ en Wijkermeer de lage strandvlaktes en veengebieden binnen.
De oudste is de Zanddijk (provinciaal monument) tussen Egmond en strandwal Limmen-Heiloo.
In het verlengde daarvan werd aan de andere kant van de strandwal richting Akersloot de Limmerdam aangelegd. Verder veel dijkjes langs de binnenduinrand, waar de geestdorpjes beschermd moesten worden. Als een van de eerste was dat de St.Aagtendijk, rond de geest van St.Agathakercke, (Beverwijk). Later werd deze dijk verlengd langs de Crommenije tot aan Uitgeest en Akersloot.

Bron: Westenberg
polders Oer-IJgebied

overzicht vele polders in Oer-IJgebied. Zowel veenpolders als droogmakerijen.

Bron: HHNK
gemalen Oer-IJgebied

Elke polder heeft eigen bemaling

Bron: HHNK
Gasthuisweidje inrichtingsplan waterberging Schulpvaart

Langs de Schulpvaart tussen Castricum en Limmen zijn 2 droge waterbergingsprojecten gerealiseerd. Langs de Zeeweg Limmen-Bakkum ligt het Gasthuisweidje.  t Alleen bij extreem veel regenval wordt hier tijdelijk het teveel aan water opgevangen. Het opvangpatroon is gebaseerd op het krekensysteem van het Oer-IJ   Het oorspronkelijke agrarische land is nu natuurgebied, kamgras-hooiland.

Bron: HHNK
inrichtingsplan Draaiweid waterberging langs schulpvaart

Langs de Schulpvaart in de gemeente Castricum zijn 2 droge waterbergingsprojecten gerealiseerd. Langs de Uitgeesterweg Limmen-Uitgeest ligt het Draaiweid. Alleen bij extreem veel regenval wordt hier tijdelijk het teveel aan water opgevangen. Het opvangpatroon is gebaseerd op het krekensysteem van het Oer-IJ .Het oorspronkelijke agrarische land is nu natuurgebied, kamgras-hooiland.

Bron: HHNK
de 5 Broekermolens langs de Lagendijk Uitgeest kaart 1877

Het gebied  tussen de duinen bij Heemskerk en het Uitgeestermeer is een veenweidegebied, een in de Middeleeuwen in cultuur gebracht moeras, de broek.. Het westelijk deel bij de duinen ligt veel hoger dan de omgeving bij het Uitgeestermeer. Oorspronkelijk stroomde het water van de sloten automatisch richting het Uitgeestermeer, onderdeel van het Schermerboezem. Toen het veen begon in te klinken en te oxideren daalde het maaiveld tot onder het niveau van het meer en werden er dijken aangelegd. Hier was dat de Lagendijk, onderdeel van de verlengde Aagtendijk langs de Crommenije. Zo ontstaan hier de Heemskerker- en Uitgeesterbroekpolder. Om het water af te voeren werden  molens langs deze dijk gebouwd, de  Broekermolens. De hoeveelheid water vanuit  het westen was zo groot dat er 5 molens nodig waren, die samen het polderwater naar het meer pompten. In 1874 worden de molens vervangen door een stoomgemaal aan de Meldijk. 4 van de 5 molens zijn gesloopt. Alleen de 2e Broekermolen staat nog en is weer maalvaardig  om ingezet te kunnen worden bij teveel wateroverlast.

Bron: Dr.A.J. Kölker Molens in de banne Uitgeest
waterberging schulpvaart gemeente Castricum

Langs de Schulpvaart in de gemeente Castricum zijn twee droge waterbergingsprojecten aangelegd. Langs de Zeeweg het Gasthuisweid en langs de Uitgeesterweg tussen Limmen en Uitgeest, ter hoogte van de 'Hoge-Brug' , het Draaiweid. Alleen bij hoge wateroverlast zal hier het water worden verzameld, totdat het bemalingssysteem het weer aan kan. Het oorspronkelijke agrarische land is nu natuurgebied.

Bron: HHNK
waterdelen Castricummerpolder

De afwatering van de Castricummerpolder gaat vanaf de hoger gelegen binnenduinrand en geesten richting het Schermerboezem bij Uitgeest. De hoofdafvoer gaat via de gegraven Hendriksloot naar het Die, gelegen in de bedding van het Oer-IJ bij Uitgeest.  Via een smalle strook grond tussen de Zienpolder en de Limmerkoog loopt het water molen De Dog, die het oppompt naar Het boezemniveau.
Het water uit de vijvers in de bebouwde kom van Castricum staat o.a. via duikers in verbinding met de Hendriksloot.

Bron: HHNK
Groot Limmerplder

De Groot  Limmerpolder bestaat uit 2 delen; Het westelijk deel ligt tussen de binnenduinrand van Bakkum en de strandwal Limmen, het oostelijk deel tussen de strandwallen Limmen en Akersloot.
De hoofdafvoer ging oorspronkelijke  via de Schulpvaart en 'Slikker Die' in zuidoostelijke richting naar de Zuidermolen, nu het gemaal 1879, bij Akersloot.  Een andere afvoer gaat in noordoostelijke richting  via de Dusseldorpervaart en Laandervaart via het Limmer Die naar de Noordermolen /gemaal. Dus op 2 locaties wordt het water gepompt naar het Alkmaardermeer/Schermerboezem..



Bron: HHNK
Uitgeester en Heemskerkerbroekpolder

Het woord 'Broek' duidt op moeras. In de middeleeuwen is het 'Broek' in cultuur gebracht, waardoor er bodemdaling optrad, en bedijking noodzakelijk werd om het buitenwater tegen te houden.Om het overtollige water af te voeren is uiteindelijk bemaling nodig en ontstaan er veenpolders

De Uitgeester- en Heemskerkerbroekpolder liggen tussen de hoger gelegen binnenduinrand bij Heemskerk en het Uitgeestermeer, onderdeel van het Schermerboezem. De Lagendijk is de middeleeuwse dijk (onderdeel van de verlengde St.Aagtendijk) die langs het Uitgeestermeer en de Crommenije loopt. Tot in de 19e eeuw waren er 5 molens nodig om het vele water af te voeren. Het gemaal aan Meldijk zorgt nu voor de bemaling.Alleen de 2e Broekermolen staat er nu nog en is weer maalvaardig.

Bron: HHNK
interregionale waterverbindingen na 1547

Tot in de 20e eeuw ging het meeste transport over water. Voordat de grote meren werden drooggelegd waren ze belangrijke onderdelen van de transportwegen.Vanuit Alkmaar naar Amsterdam ging het via de Schermer ,de Starnmeer en de Zaan naar het IJ .

Ook was er vanuit de Schermer een verbinding via Beemster en Purmer naar Edam  en Monnikendam. De grote meren hadden allemaal een open waterverbinding.


Bron: Diederik Aten 'als het gewelt comt'
polderkaart midden kennemerland

Overzicht van de vele polders en hun molens gelegen tussen enerzijds de 'Binnenduinrand van Heemskerk tot Egmond' en anderzijds het Uitgeestermeer-Alkmaardermeer-Schermer.

Bron: website suam
Dam en dijken van Amsterdam in 1275

situatie Amsterdam in 1275. De Amstel , die hier naar het IJ stroomt, is afgedamd.   Het restant van de Amstel ten noorden van de Dam, staat nog in open verbinding met het Ij, vormt een haven, het Damrak. (Rak is haven) Het deel ten zuiden van de Dam vormt een binnenhaven, het Rokin (Rak-in)

Langs de Amstel liggen aan de ooskant de dijken Warmoestraat en de Nes, aan de westkant de 'Nieuwedijk en Kalverstraat.

Bron: Facebook 'Ons Amsterdam'
meertjes rondom uitgeest 1550

overzicht van de vele waterlopen rond de strandwal Uitgeest in 1550De Die (Dye) ligt in de bedding van het Oer-IJ. Op diverse plekken in deze bedding is het water breder en vormt kleine meertjes. velen zijn drooggelegd. Nu kennen we alleen nog naast het grote Uitgeestermeer,en de Crommenije,  de kleinere Wijenbus , Vroonsmeer en Binnenmeer. 


Bron: Jaarboek de 'Hutgheest' van hist. Ver. Uitgeest
Zaanstreek Dammen en dijken in 1300

Rond 1300 is het zeer brede IJ aan beide kanten bedijkt. aan de zuidzijde door o.a. de Spaarndammerdijk, aan de noordzijde door Noorder IJ en Zeedijken. Aan de westkant is alleen een dijk nodig bij het Velserbroek, maar niet verder nar het noorden omdat daar de binnenduinrand ligt.

In de Zaan en Crommenije zijn dammen aangelegd om te voorkomen dat het zeewater via het IJ te ver het land kan binnendringen.

Bron: Leefbaar Laagland vd Ven
Schoonwatervallei, van Zeerijdtsdijkje naar Het Die

Schitterende overgang van duin naar polder

Ten noorden en oosten van Castricum ligt een bijzonder gebied. De overgang van de duinen naar de veenweiden is hier bijna niet aangetast door menselijke invloed. Hier liggen prachtige zogenaamde duinpolders met veel kansen voor natuur, landschap, landbouw en recreatie. Enkele laag gelegen gebieden zijn zo ingericht dat ze bij hevige buien het teveel aan water in het gebied opvangen. Dat voorkomt overstromingen op landbouwgrond en in woonwijken. Het water van de hooggelegen duinen stroomt langzaam in de sloten achter de duinen. Dit schone kwelwater wordt zo lang mogelijk vast gehouden in de Schoonwatervallei. 

Bron: website Landschap Noord-Holland
Zaanstreek, moeras rond het jaar 1000nC

rond 1000nC was de Zaanstreek nog voornamelijk moeras, waarin diverse veenstromen zoals de Zaan, de Crommenije, de Vliet, de Stierop, Spaarne en Liede richting oude Oer-IJbedding stromen. 

Bron: P.Kleij en C.de Bont.
Ontginningen in de Zaanstreek

In de Middeleeuwen wordt het moeras van de Zaanstreek ontgonnen, in cultuur gebracht. Het IJ en de diverse veenrivieren vormen de ontginningsbasis

Bron: P.Kleij en C.de Bont.
waterstaat Kennemerland 1200-1300

Rond 1200nC kan het water van de Zuiderzee via het IJ en Wijkermeer ver naar het noorden stromen de strandvlaktes in. Rond 1100 is tussen Egmond en de strandwal Heiloo-Limmen de  oudste 'dam' aangelegd, met de naam Zanddijk. Tussen Limmen en Akersloot is toen.de Limmerdam aangelegd. De geestdorpjes op de strandwallen en binnenduinrand worden door kleine dijkjes beschermd, zoals de St.Aagtendijk .

Rond 1300nC is het maaiveld zo sterk gedaald dat de grote meren ontstaan en het Wijkermeer door de Crommenije met het Uitgeestermeer wordt verbonden. Dan is de bedreiging van het buitenwater zo groot geworden dat o.a. de Aagtendijk wordt doorgetrokken tot Uitgeest en Akersloot.

Bron: Westenberg bewerking lia vriend
locatie van de 10 kastelen Heemskerk

Bij Heemskerk en Beverwijk hebben 10 kastelen gestaan, allen op de rand van de strandwal of op oeverwal Oer-IJ. Van Noord naar Zuid: De Vlotter op de binnenduinrand bij Noorddorp, Marquette op de hoge oeverwal van het Oer-IJ, verbonden met een lange laan naar de geest van Heemskerk, nu een Buitenplaats. Verder 't Hoge Werfje, Poelenburg, en Assumburg. De laatste nu ook een Buitenplaats met fraaie 'kasteeltuin', Oud-Haerlem, Rijksmonument, nu alleen door fundamenten zichtbaar microreliëf in weiland, en Meerestijn en in Beverwijk Oosterwijk en Adrichem , nu sportpark Adrichem.

Bron: http://www.awn-beverwijk-heemskerk.nl/
topografische kaart Beverwijk-Heemskerk 1877 met geesten ingetekend

De geesten van Heemskerk en Beverwijk ingetekend op kaart rond 1900

Bron: topografische dienst
topografische kaart 1900 Castricum-uitgeest

Rond 1900 is Castricum nog een klein dorp met duidelijk herkenbaar de diverse buurtschappen bij de geesten, zoals  de oost-west georiënteerde Oosterbuurt en Noordend.

De Castricummerpolder heeft een grillige verkaveling door de vele kreken van het Oer-IJ mondingsgebied en bestaat vooral uit weiland.

Uitgeest is gelegen op een strandwal en de geest heeft   een afwijkend verkavelingspatroon, smalle perceeltjes, en akkerland.

Bron: topografische atlas 1900
topografische kaart 1900 Uitgeestermeer en Woudpolder

het Alkmaarder- en Uitgeestermeer is omgeven door veenpolders, veenweidegebieden met vele sloten. De droogmakerij Starnmeer is herkenbaar door de afwijkende rationele verkaveling.

In het zuiden komen de rechte, gegraven, Nauernaschevaart en de natuurlijke meanderende veenrivier de Zaan bij Knollendam samen en worden via de gegraven Markervaart verbonden met het Noordhollandskanaal en via Stierop met het Alkmaardermeer. 

De Markervaart loopt dwars door het veeneiland de Woude , waardoor er nu 2 poldertjes zijn ontstaan, de Oost- en Westwouderpolder.

Bron: topografische atlas 1900
topografische kaart Halfweg 1900

In 1875 is het IJ drooggelegd en het Noordzeekanaal aangelegd. In 1900 ligt Halfweg   op een smalle strook oud land tussen akkers van de IJpolders en de droogmakerij Haarlemmermeer . De ringvaart van de Haarlemmermeer is nu via zijkanaal F verbonden met het Noordzeekanaal. Bij Halfweg liggen nog de sluizen en nu ook het boezemgemaal.

Bron: historische atlas 1900 Robas
topografische kaart 1900 Wijkermeer, Kil en Crommenije

Tijdens de aanleg van het Noordzeekanaal rond 1875 is het Wijkermeer ook drooggelegd. De droogmakerij is duidelijk herkenbaar als een akkerland (wit) met  rationele verkaveling. De kaarsrechte lijn van Noord naar Zuid is de een liniedijk van de Stelling van Amsterdam. De 'Buitenlanden' die aan de de droogmakerij grenzen zijn de opgeslibde oevers van het Wijkermeer en werden al als grasland gebruikt.(groen) De  Crommenije vormde sinds de Middeleeuwen de waterverbinding tussen het Wijker- en Alkmaardernmeer. Het deel dat ten zuiden van Busch-en-Dam loopt wordt de Kil genoemd. Westelijk van deze waterloop is de St.Aagtendijk en oostelijk de Assendelver Zeedijk.  Sinds de afdamming slibde de bedding dicht, dus dit werden ook 'Buitenlanden'Toen in 1718 de Nieuwedijk dwars over de bedding werd aangelegd werden de Buitenlanden ook polders.

Waar de forten van de Stelling van Amsterdam liggen is alleen aan de verkaveling te zien. (ze moesten geheim blijven)

Bron: topografische atlas 1900
Droogmakerijtje Dielofsmeer in Dorregeesterpolder

In  1557 werd het kleine Dielofsmeertje, 57 ha,  een van de eerste droogmakerijtjes. Het ligt midden in de Dorregeesterpolder tussen Akersloot en Uitgeest.

De molen maalde het water rechtstreeks naar het Uitgeestermeer. De molen kreeg de bijnaam 'De Bittere Dood' omdat een kind verongelukt is door een klap van de molenwiek.

Nu is de bemaling via de Dorregeesterpolder.

Bron: D.Aten
topografie Uitgeest 1900

topografie Uitgeest en omgeving rond 1900

Bron: historische atlas 1900 Robas