12 april André Numan

André Numan

 

Titel: Hoe god in Kennemerland verscheen

Korte inhoud:

In de eerste helft van de achtste eeuw veroveren de Franken ‘Frisia ulterior’, het gebied tussen de Oude Rijn in het zuiden en het Vlie in het noorden. Aansluitend wordt de bevolking gekerstend door Angelsaksische monniken. Dan ook krijgt Kennemerland de eerste kerken.Vanuit die godshuizen worden weer andere gebedsruimtes gesticht.

Wie bouwden deze kerken, waar werden ze gerealiseerd en waarom juist op die plekken? In deze lezing komen al deze vragen en meer aan de orde komen. Ook wordt ingegaan worden op de bouwwijze van de kerken.

-o-

André Numan is actief betrokken bij vele archeologisch onderzoeken in binnen en buitenland. Hij was verbonden aan het Instituut voor Prae- en Protohistorie, thans (2014) Amsterdams Archeologisch Centrum van de Universiteit van Amsterdam (AAC) als hoofd Archeologische Velddienst en Documentatie en tot 2014 als  hoofd Archeologische Velddienst en Conservator.

Hij publiceerde onder meer over zijn onderzoek naar middeleeuwse bewoningssporen in het centrum van Haarlem, over Noord-Hollandse kerken en kapellen in de Middeleeuwen.

André is geboren in Haarlem, waar hij nog steeds woont en al sinds 1973 actief betrokken is bij de Archeologische Werkgroep Haarlem.

Klik hier om daar de pagina te gaan waar kaarten kunnen worden besteld.

 

 

 

Vragen en antwoorden na afloop van de lezing

 

1.       Hoe kan het dat er tussen de Streek en Wieringen zijn geen kerken te zien zijn op deze kaart?

Er waren niet veel kerken omdat ze bij overstromingen zijn weggeslagen. Rond 1920 zijn er aanwijzingen voor kerkgebouwen gevonden in de Wieringermeer.

2.       Koen v.d. Driessen:  Was Simon van Haarlem in de 13e eeuw de stichter van de kerk in Castricum?

Waarschijnlijk was het een van zijn voorvaderen en moet de kerk iets eerder gedateerd worden.

3.       Waar lagen de meeste kerken gewoonlijk?

De kerk werd meestal midden in het dorp gebouwd. Alle grond behoorde toe aan de edelen, bijv. de graven van Egmond.

4.       Hermine Smit: Werden de kerken gebouwd op heilige plaatsen en leylijnen?

Het eerste klopt en op het tweede deel van de vraag durf ik geen antwoord te geven.

Een leylijn is een rechte lijn die wordt getrokken door meerdere punten van geografisch belang, waarbij verwezen wordt naar een vermeend verband tussen die punten. Het gaat daarbij typisch om prehistorische locaties, archeologische vindplaatsen en oude kerken. Esoterici geloven dat leylijnen energiebanen zijn.

Leylijn – Wikipedia

5.       Dhr. Tebbens: Zijn er veel kerken afgebrand?

Ja, dat gebeurde tijdens oorlogen, ongelukken en verbouwingen.

6.       Ineke Tebbens: Is het waar dat de tekeningen van de kerk vaak werden bewaard in de toren?

Tijdens de vroege periode – in de hoge middeleeuwen- gebruikte men geen tekeningen. Er werd gewerkt en ontworpen door middel van geometrische patronen, zoals driehoeken en vierkanten: het verhoudingsgewijs bouwen. In de tufstenen kerken zijn geen tekeningen in de torens gevonden.

7.       Zijn er in West Friesland veel kerken verplaatst?

Na elke nieuwe ontginning werden kerken verplaatst.

8.       Wat was de functie van de kerk in het dagelijks leven?

Alles draaide om de kerk, heiligendagen werden gevierd en de kerk bepaalde de loop van het dagelijks leven.

(opgetekend door Jan Hormann)