Verslag werkconferentie

Gedeputeerde Jaap Bond steunt Oer-IJ initiatief.

.

Gedeputeerde Jaap Bond (Foto Henk. Z. Hommes)

Voor gedeputeerde Jaap Bond is het Oer-IJ gebied door zijn specifieke landschapskwaliteiten waardevol genoeg om meer concreet te betrekken bij het provinciaal ruimtelijk beleid in de nabije toekomst. Hij onderkent de unieke natuurhistorische waarde, ziet zeker kansen voor duurzame recreatie en beschouwt de groene open ruimte ook als een belangrijke economische factor voor een succesvol woon- en werkklimaat voor de regio.

De gedeputeerde zei dat vrijdag tijdens een werkconferentie voor bestuurders en ambtenaren over duurzaam toerisme in de groene driehoek Alkmaar, Zaanstad, Velsen. De bijeenkomst, gehouden in het PWN-bezoekerscentrum De Hoep, was georganiseerd door de Stichting Oer-IJ. De gedeputeerde nodigde de aanwezige wethouders, ambtenaren nadrukkelijk uit om samen met de bewoners te verkennen waar de mogelijkheden liggen om dat beleid vorm te geven. Hij wil de input vanuit het gebied betrekken bij het opstellen van een nieuwe ‘omgevingsvisie’ waaraan de provincie werkt. De discussie hier moet zeker een vervolg krijgen, zei de provinciaal bestuurder.

De gedeputeerde moest bekennen dat hij de bijzondere waarde van het Oer-IJ gebied pas was gaan beseffen toen hij er recent door een gids werd rondgeleid. Hij was verrast door wat je er nog van de ontstaansgeschiedenis van het landschap terug kan zien. Een fantastisch verhaal; te onbekend en het vertellen waard, was zijn conclusie. ,,Een fascinerend landschap dat nog veel geheimen herbergt’’.

Leuk voor recreatie van eigen inwoners, maar ook voor verblijfstoerisme van buitenlanders. Zeker nu uit onderzoek blijkt dat toeristen eenmaal ter plaatse, bereid zijn twee keer een uur te reizen om een dag-bestemming te bereiken. Wel moet er dan een voorzieningenniveau zijn om die bezoekers te kunnen faciliteren. Denk daarbij aan overnachtingsmogelijkheden, horeca en mogelijkheden om iets te beleven. Belangrijk is dan het verhaal. Wat er zo bijzonder is. Er valt meer te zien dan je zo op het eerste gezicht zou vermoeden, weet nu ook de gedeputeerde. Zelf een natuurliefhebber en enthousiast wandelaar.

Jaap Bond heeft naast natuur & recreatie ook economie in zijn portefeuille. Hij legt bij een beoordeling van het landschap een nadrukkelijke relatie met de kapitale waarde van zo’n gebied. De gedeputeerde is van mening dat de waarde van groen & ruimte in geld uitgedrukt net zo hoog kan worden ingeschat als die van een wijk, kantorencomplex of bedrijventerrein. Bij locatiekeuzes letten ondernemers en investeerders steeds meer op het vestigingsklimaat, waarbij de aanwezigheid van natuur in de omgeving een belangrijke rol speelt. Het draagt belangrijk bij aan de kwaliteit van een regio. ,,Ontwikkelaars besteden elders miljarden aan groen, hier is dat landschap al aanwezig. Daar moeten we dus zeer zorgvuldig mee omgaan en zuinig op zijn’’.

De provincie voorspelt een oplopende druk op het gebied vanwege de behoefte aan meer woningen rondom Amsterdam. Jaap Bond voorziet dat de grenzen van de metropoolregio worden opgetrokken, met name richting het noorden. Zuidelijk legt Schiphol te veel beperkingen op. Er zullen de komende 25 jaar nog zo’n 500.000 bewoners in de regio gehuisvest moeten worden. Gezien de omvang en complexiteit van die taakopdracht bepleit de gedeputeerde een gezamenlijke regionale aanpak, met een speciale rol voor de betrokken burgers.

De gedeputeerde vertelde dat de provincie werkt aan een omgevingsvisie en hij nodigde iedereen nadrukkelijk uit daar een bijdrage aan te leveren. ,,Voer je zo’n discussie op inhoud, met argumenten en met passie dan weet ik zeker dat er ook geluisterd wordt naar de mensen die zich inzetten voor de cultuurhistorische waarde en kwetsbaarheid van het gebied.’’ In dit verband maakt Jaap Bond de Stichting Oer-IJ een groot compliment voor het initiatief, zich zo belangeloos en gemotiveerd voor het behoud van het landschap in te zetten. ,,Als het lukt economie, recreatie en toerisme in het beleid te koppelen aan natuur, landschap en cultuurhistorie is het ook gemakkelijk zo’n gebied met rust & ruimte in stand te houden’’.

 

Voorzitter Evert Vermeer

Voorzitter Evert Vermeer in gesprek met Jaap Bond . (Foto Henk. Z. Hommes)

Voorzitter Evert Vermeer van de Stichting Oer-IJ vertelde de aanwezige bestuurders en ambtenaren meer over de doelstellingen en activiteiten van de Stichting Oer-IJ. Hij stelde vast dat er veel redenen zijn om zuinig te zijn op het gebied, en dat bij bewoners en bezoekers een groeiende behoefte bestaat aan natuur met rust & ruimte. Een eigen vertrouwde regio waar mensen zich thuis en veilig voelen. Zeker in deze tijd van grote maatschappelijke beroering en onzekerheid. Daar zijn alle geleerden het over eens.

Bij veel van de activiteiten die de stichting organiseert en nog op de agenda heeft staan worden de inwoners betrokken. Ze kunnen lezingen volgen, informatieve fietstochtjes maken of zich inschrijven voor thematische wandelingen. Het zal allemaal bijdragen aan het besef dat hier iets bijzonder waardevols aanwezig is. Evert Vermeer deed een oproep aan alle aanwezigen om open te staan voor burgerinitiatieven en in het maken en uitvoeren van beleid meer rekening te houden met de specifieke kansen die het historische Oer-IJ landschap biedt.

Veel regio’s in Noord-Holland hebben een meer herkenbare identiteit. Bij het Oer-IJ landschap moet dat meer zichtbaar worden gemaakt, is het nodig een verhaal te vertellen. Die zijn er genoeg. ,,Het groene gebied tussen Zaanstad, Velsen en Alkmaar staat nog onvoldoende op de kaart. Een betere positionering vraagt om samenwerking van alle BUCH-gemeenten, de Zaanstreek en IJmond. Ons werk krijgt pas betekenis als bij overheden een zelfde gevoel over de kwaliteit en kansen van dit landschap ontstaat en ze daar ook mee aan de slag gaan’’, aldus Evert Vermeer.

 

Adviseur Rik de Visser

Landschapsarchitect Rik de Visser, directeur van Bureau Vista en adviseur van de Stichting Oer-IJ, hield het gezelschap bestuurders en ambtenaren voor dat het Oer-IJ gebied te weinig betrokken wordt bij de ruimtelijke ordening. Het is een vergeten gebied dat in studies en visies nauwelijks of niet wordt genoemd. Hij bepleitte een aanpak waarbij de geschiedenis van het oorspronkelijke getijdenlandschap meer richtinggevend wordt bij de toekomstige invulling van de metropoolregio Amsterdam. Daar liggen volop kansen.

Als concreet voorbeeld noemde Rik de Visser de schetsplannen die zijn gemaakt voor de zogenaamde Zaancorridor, een aantal mogelijke bouwlocaties rond OV-knooppunten in Noord-Holland. Juist daar liggen mogelijkheden om met het oude landschap verbindingen te zoeken. De fantasie te prikkelen, de verbeelding te betrekken bij een kwalitatief onderscheidende invulling. ,,Wij bepleiten als stichting niet alleen behoud en bescherming, maar zijn er juist voor om op een dynamische manier de geschiedenis bij verdere ontwikkelingen in de toekomstplaatjes te betrekken. Een relatie te leggen met het landschap dat zo bepalende is geweest voor het ontstaan en de ontwikkeling van dit gebied ’’, aldus Rik de Visser.

Aan de hand van het Plan van Aanpak van de Stichting Oer-IJ, waarvan hij een van de auteurs is, gaf de landschapsarchitect voorbeelden van hoe je de geschiedenis tastbaar en beleefbaar kunt maken. Ook de noodzaak voor het zoeken naar waterberging vanwege de klimaatwijziging biedt nieuwe mogelijkheden om de zichtbaarheid van het gebied in beeld te brengen. Zo kan het krekenlandschap beter en samenhangend worden ontsloten en ook meer toegankelijk worden gemaakt voor de recreërende bewoners. ,,Het is niet zo makkelijk als het misschien lijkt, maar er liggen genoeg kansen en uitdagingen, waar wij graag over meedenken’’.

 

Eric Grootscholte van LAgroup, adviseur toeristische gebiedsontwikkeling

Het toerisme zal de komende decennia verdubbelen, voorspelde Eric Grootscholte. De vraag is in hoeverre het Oer-IJ gebied daar op de korte termijn iets van zal merken. Er ontstaat wel enige overloop, maar de meeste buitenlanders kiezen toch voor de bekende bezienswaardigheden. De druk op het gebied en de vraag naar recreatiemogelijkheden zal wel toenemen door de verwachte bevolkingsgroei. Daar liggen ook de kansen.

Volgens Eric Grootscholte is het belangrijk dat de regio gezamenlijk werkt aan een profilering van de kwaliteiten in het gebied. Zorgt voor een herkenbare identiteit, een eenduidig verhaal. ,,Bij mij bestaat de indruk dat de bestuurders en beleidsmakers te veel met hun rug naar het Oer-IJ landschap staan en zich te eenzijdig en te individueel richten op de eigen kust met de zee en het strand. De aanpak is nu te versnipperd. Niet regionaal samenhangend.’’

Bij zijn analyse van de potentiële bezoekers ziet hij vooral oudere mensen, met veel vrije tijd, met genoeg geld en met interesse in geschiedenis en natuur. ,,Dan moet je verhalen vertellen en die zichtbaar maken. Zorg voor points of interest. Dan krijg je ze in je gebied’’.

De door de Stichting Oer-IJ benoemde icoonprojecten als een Steentijdboerderij, de houtzaagmolen van Cornelis Corneliszoon van Uitgeest en het Huis van Hilde noemt Erik Grootscholte goede voorbeelden van storytelling waar de ‘zilveren generatie’ graag voor naar een gebied komt. ,,De verhaallijnen moeten aanspreken; authentiek en spannend zijn. Mensen moeten zich er mee kunnen identificeren. Ga daarom bij het uitwerken van een concept altijd uit van de eindgebruiker. Kijk goed naar zijn leefstijl, zijn interesses’’.

De vrijetijdswetenschapper pleit in het overbrengen van het verhaal ook nadrukkelijk voor een mix van communicatiemiddelen. Niet alleen virtueel met app’s en zo, maar ook tastbaar met iconische voorwerpen of tastbare zaken die het gebied een gezicht geven. Zorg voor een heldere zichtbare boodschap. Recreatie en educatie kunnen dan goed samen gaan. Ontspanning, waar je ook nog wijzer van wordt. Leuk te weten en om door te vertellen. Zo kun je een gebied goed verkopen.

 

Agenda voor het Oer-IJ

De werkconferentie werd afgesloten met een plenaire discussie over de besproken thema’s. Dat gebeurde onder leiding van Jef Mühren, directeur MOOI Holland, een onafhankelijke en niet-commerciële adviesorganisatie op gebied van landschap, stedenbouw, architectuur en cultuurhistorie in Noord-Holland. Hij werd bijgestaan voor een deskundigenpanel met Jan Dirk Hoekstra (provinciaal adviseur ruimtelijke kwaliteit bij de provincie Noord-Holland),  Saskia Geraeds (hotel Huize Koningsbosch in Bakkum en Oer-IJ ambassadeur), Margriet Drijver (bestuurslid Geopark de Hondsrug in Drenthe) en Jos Teeuwisse (secretaris Stichting Oer-IJ).

Vanuit de discussie is een ‘Agenda voor het Oer-IJ’ geformuleerd met een aantal aandachtspunten en aanbevelingen die de deelnemers van de conferentie en de bestuursleden van de Stichting Oer-IJ mee naar huis nemen. De bijeenkomst krijgt een vervolg in een breder symposium waar ook vertegenwoordigers vanuit de politiek, het recreatieve bedrijfsleven en natuurorganisaties voor worden uitgenodigd.

 

Enkele besproken zaken verdienen nog een aparte vermelding.

Toeristisch Netwerk

Gerlof Kloosterman van de gemeente Heerhugowaard was aanwezig als vertegenwoordiger toeristennetwerk Alkmaar en omgeving, waarin 18 gemeenten samen optrekken. Er is ook regulier contact en afstemming met Metropool Regio Amsterdam. Hij nodigde staande de vergadering de Oer-IJ regio gemeenten uit ook mee te doen met dit netwerk. Wat met applaus werd begroet.

Het toeristennetwerk Alkmaar heeft een toeristische visie opgesteld waarin het Oer-IJ nadrukkelijk wordt genoemd. Het getijdenlandschap strekt zich namelijk uit tot in Laag Holland. Een van de aanbevelingen in het beleidsdocument is historische verhalen te verbinden met het toeristisch routenetwerk. Uit onderzoek blijkt dat 40 procent van de eigen inwoners de regionale geschiedenis van het landschap (nog) niet kent. Daar kun je wat mee.

 

Geen actiegroep

Vanuit de bestuurlijke hoek werd opgemerkt dat de Stichting Oer-IJ zich vooral moet blijven bezighouden met het benoemen van de kwaliteiten en kansen van het landelijk gebied. Wanneer ze zich teveel gaat profileren als organisatie die uitgesproken standpunten over beleid en besluiten gaat innemen, loopt de organisatie het risico gemeenten als partner te verliezen. De opmerking was vooral ingegeven door afwijzing van de locatiekeuze voor een opstelterrein van Sprinters in het krekenlandschap bij Uitgeest.

Voorzitter van de Stichting Oer-IJ Evert Vermeer reageerde op de uitspraak door nadrukkelijk te verklaren als organisatie geen actiegroep te willen zijn. Het gaat vooral om het benoemen, meedenken en uitdragen van zaken die het Oer-IJ gebied aangaan. Maar soms bij hele ingrijpende kwesties komt dat dicht bij een politieke uitspraak. Maar dan nog gaat het vooral om een analyse en het aandragen van alternatieven. ,,Uiteindelijk gaan we er niet dwars voorliggen.’’

 

Steun Geopark

Drenthe heeft met de Hondsrug het eerste en tot nu toe enige Geopark van Nederland. Bestuurslid Margriet Drijver vertelde dat die status op plek op de Werelderfgoed van Unesco het gebied een enorme impuls heeft gegeven. Niet alleen in de erkenning als een landschappelijk uniek gebied, maar ook in economisch opzicht voor het recreatieve bedrijfsleven.

In Drenthe is het Geopark een initiatief geweest van het provinciebestuur. Daar zijn ook de middelen beschikbaar gesteld om dit doel te kunnen bereiken. Bij het Oer-IJ gebied komt het idee bij een grote groep burgers vandaag. Ze feliciteerde de bestuurders met zoveel betrokkenheid. ,,Dit enthousiasme moet door het bestuur omarmt worden en verdient steun van de lokale overheid.’’

 

Arrangementen

Saskia Geraeds (van hotel Huize Koningsbosch) is ondernemer in het Oer-IJ gebied. Ze vertelde dat haar gasten zonder uitzondering zeer verrast en enthousiast reageren op Oer-IJ excursies die ze organiseert. ,,De mensen zeggen altijd; nooit geweten dat het hier zo mooi is. We willen het aantal rondleidingen gaan uitbreiden. Amsterdam ligt zo dichtbij, wij zien veel mogelijkheden’’.

 

Ruimtelijke kwaliteit

Jandirk Hoekstra, onafhankelijk adviseur ruimtelijke kwaliteit bij de provincie Noord-Holland en directeur van H+N+S Landschapsarchitecten, een bureau met een grote reputatie op het gebied van innovatieve plannen op het raakvlak van water, natuur, energie en verstedelijkingsvraagstukken, heeft zich eerder mild kritisch opgesteld als het ging over het Oer-IJ als bindend gebiedsconcept. Tijdens de conferentie moest hij bekennen dat het gegeven voor hem meer is gaan leven en aan betekenis heeft gewonnen.

 

De Agenda met aandachtspunten voor het Oer-IJ gebied. Het zijn stellingen op basis van de discussie geformuleerd. In willekeurige volgorde.

  • Vorm vinden voor structurele bovenlokale en bovenregionale afstemming en toetsing van ruimtelijke ontwikkelingen in het Oer-IJ gebied;
  • Ook aandacht besteden aan Oer-IJ verhaal binnen de bestaande bebouwde omgeving, waar nog resten van het oude landschap zichtbaar zijn of zichtbaar gemaakt kunnen worden;
  • Niet alle aandacht laten uitgaan naar het groene gebied, ook de aansluiting met de verstedelijking en de samenhang van de bebouwing tussen Haarlem en Heerhugowaard in het overgangsgebied van kust naar achterland in de beschouwing meenemen.
  • Plannen voor Zaancorridor als concreet project benoemen voor onderzoek naar mogelijkheden van een aanpak waarbij het betrekken van landschapshistorie voor een kwalitatieve impuls zorgt en een toegevoegde waarde kan zijn;
  • Bij elke ruimtelijke ontwikkeling zouden gemeenten in het gebied de plannen moeten toetsen aan een aantal Oer-IJ criteria.
  • Er moet meer structuur komen in samenwerking tussen bewonersinitiatieven als dat van de Stichting Oer-IJ en overheden.
  • Bij de begrenzing van het Oer-IJ gebied niet te strikt kijken naar het getijdenlandschap, maar het meer zien als onderdeel van een groter gevarieerd landschap waar ook de duinen en het veenweidegebied toe behoren. Bezie dan ook meteen het aantal gemeenten in het nu beschreven werkgebied.

 

Ten slotte

PWN stelde de conferentieruimte in De Hoep beschikbaar. Sjakel van Wesemael, sectormanager Natuur & Recreatie bij het PWN, deed dat graag. ,,Al was het alleen maar vanwege het feit dat het bezoekerscentrum van het provinciaal bedrijf Water & Natuur midden in de monding van het Oer-IJ ligt,’’ sprak ze. Aan die bijzondere locatie zal binnenkort aandacht worden besteed in de permanente expositie van De Hoep.

De gemeente Castricum heeft de werkconferentie met een subsidie financieel mogelijk gemaakt. Wethouder Kees Rood sprak in een afsluitend woord beeldend over zijn jeugd, die hij midden in het Oer-IJ gebied doorbracht. De gemeente noemt in een nieuwe structuurvisie recreatie & toerisme het Oer-IJ van onschatbare waarde. In een ‘ontwikkelagenda’ voor de komende 4 jaar wordt bepleit het verhaal van het landschap meer zichtbaar en beleefbaar te maken. De gemeente ziet het gebied als een potentiële drager van het dagtoerisme. Of zoals de wethouders het zei: een prachtig landschap van linten, parels en verborgen schatten.

Op vrijdag 09 december is in het bezoekerscentrum De Hoep te Castricum door de Stichting Oer-IJ een werkconferentie gehouden voor bestuurders en beleidsambtenaren uit de regio. Aanwezig waren vertegenwoordigers van de provincie, acht gemeenten en diverse aan de overheid gelieerde organisaties.Onderwerp was met elkaar na te gaan in welke zin het ‘vergeten’ Oer-IJ landschap een verbindend gebiedsconcept kan zijn bij het ontwikkelen van een integraal beleid voor duurzaam toerisme & recreatie. Hiernaast is het verslag van die dag te lezen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Eric Grootscholte van LAgroup sprak als adviseur toeristische gebiedsontwikkeling. Wie hier klikt kan de beelden die hij gebruikte bij zijn presentatie terugzien.

 

 

 

 

 

 

Landschapsarchitect Rik de Visser, directeur van Bureau Vista en adviseur van de Stichting Oer-IJ hield zijn gehoor voor dat bij de ruimtelijke ordening te weinig rekening wordt gehouden met de kwaliteiten van het Oer-IJ gebied. Hij ondersteunde zijn verhaal met een presentatie. Klik hier om die te kunnen zien.

 

Klik hier om terug te gaan naar het overzicht.