Opstelterrein Sprinters in Oer-IJ gebied gaat niet door

Parallel aan spoorlijn Krommenie-Uitgeest was de aanleg van het opstelterrein gepland. De kreek op de foto in het Oer-IJ gebied zou daardoor worden aangetast.

 

De voorgenomen aanleg van een opstelterrein voor Sprinters in het buitengebied tussen Uitgeest en Krommenie gaat niet door. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, ProRail en NS hebben afgelopen woensdag dit besluit bekend gemaakt. Burgemeester en wethouders van Castricum informeerden de gemeenteraad vervolgens in een brief over deze ontwikkeling. Uit het schrijven blijkt dat onvoorziene kostenoverschrijdingen de belangrijkste reden zijn om van de locatie af te zien. 

Het gaat om een nachtelijke parkeerplaats voor 120 sprinters. Die gaan in de toekomst ’hoogfrequent’, als een metro, rijden op de Zaanlijn tussen Amsterdam en Uitgeest. Maar het Programma Hoogfrequent Spoor (PHS) pakt veel duurder uit dan verwacht, aldus het ministerie. Een apart terrein aanleggen bij Uitgeest kost veel geld, terwijl Heerhugowaard toch al een opstelterrein krijgt voor intercity’s. De gemeente Heerhugowaard ziet de komst van het opstelterrein wél zitten.

Met de keuze voor Heerhugowaard gooien de spoorbedrijven en het ministerie het oorspronkelijke bezwaar – lege sprinters die heen en weer rijden tussen Heerhugowaard en Uitgeest – overboord. Het gaat om 32 extra treinen buiten de spitsuren op dat traject.

De Stichting Oer-IJ heeft zich altijd tegen de aanleg van het opstelterrein langs de N203 verzet, omdat het landschap in het Oer-IJ gebied daardoor ernstig zou worden aangetast.